Baka Bana (bakabana): Surinaamse gebakken banaan met pindasaus


Baka bana is in Suriname een geliefde snack. Je kunt het eten met petjel-of pindasaus, maar ook zonder saus is het heerlijk! Gebruik voor de baka bana bakbananen, die niet al te overrijp zijn.











Ingrediënten:
- 3 bakbananen
- 200 gram zelfrijzend bakmeel
- 50 gram maizena of rijstemeel
- 50 gram suiker
- zout naar smaak (halve theelepel tot 1 theelepel)
- gewoon water of (optioneel) kleurloze limonade met prik (om beter te rijzen)
- zonnebloemolie

Bereiding:
- Doe het zelfrijzend bakmeel in een beslagkom met de suiker en het zout.
- Voeg daar beetje bij beter water of water met bubbels aan toe zodat het beslag niet gaat klonten.
- Het beslag moet niet te dik, maar ook niet te dun zijn. Zoals pannenkoekenbeslag dat aan de dunne kant is. Het is een kwestie van experimenteren tot je de juiste dikte hebt. Het moet net aan de banaan blijven hangen.
- Schil en snij de bakbananen, halveer ze en snij ze in de lengte in vier langwerpige stukken.
- Verhit in een wok of hapjespan een flinke laag zonnebloemolie. De baka bana moet kunnen 'zwemmen' tijdens het bakken.
- De olie moet echt heel erg heet zijn. Test dit met een klein beetje van het beslag. Dit moet direct omhoog komen en bakken.
- Dompel nu de bananen in het beslag en doe ze met 4 tegelijk in de pan.
- Temper dan enigszins het vuur, omdat anders de binnenkant niet gaar wordt.
- Na ongeveer 5 minuten is de baka bana klaar. Laat ze uitlekken op keukenpapier.
- Zodra je de volgende baka bana gaat bakken, eerst weer het vuur hoog zetten.

Eet de baka bana met een lekkere pittige pindasaus!

Tip 1: Doe wat vanille-essence door het beslag als je de baka bana zonder saus wilt eten.
Tip 2: Als je de baka bana later wilt eten, warm ze dan op in de oven en niet in de magnetron. Zo blijven ze knappend.


Rubriek: surinaamse snacks

1 opmerking: